Het immer uitdijende Waalse stripuniversum van Robbedoes en zijn vrienden, met het nog altijd verschijnende Franstalige weekblad Spirou, bedient een breed publiek. Tussen de nieuwe strips voor een jong publiek en de heruitgaven van historisch stripwerk voor liefhebbers uit oudere generaties bevindt zich de variant waarbij nieuwe series worden gelanceerd die voortbouwen op de bekendheid van personages uit oudere series. In De Robbedoesvrienden is de Marsipulami het wezen dat een levende link legt tussen heden en verleden. Dat verleden bestaat uit België ten tijde van de Duitse bezetting, of liever gezegd: de regio rond Marcinelle en Charleroi waar het familiebedrijf Dupuis tijdens de Tweede Wereldoorlog de uitgave van het in 1938 gestarte jeugdblad zo goed als het ging probeerde voort te zetten.
Dat Jean Doisy niet alleen als redacteur een belangrijk aandeel had in de uitgave van het weekblad Spirou/Robbedoes, maar tevens een actieve rol speelde in het verzet, is in recente jaren meer dan eens belicht. De makers van deze strip, scenarist Jean-David Morvan en de tekenaars Ben BK (Benoît Bekaert) en David Evrard, vonden daarin inspiratie om enkele jeugdige lezers van destijds op te voeren als verzetsstrijders in de dop voor wie vriendschap en steun aan Joodse leeftijdsgenootjes voorop staan. In hun avontuurlijke bestaan vol angst en onzekerheid worden de jonge striplezers door de Duitsers op hun hielen gezeten, al wordt de inzet van humor daarbij niet geschuwd. Het resultaat is een vermakelijk verhaal dat niettemin wat ongemakkelijk voelt. In een strip die eer wil bewijzen aan Jean Doisy voelt de aanwezigheid van Duitse herders die nazi-slogans blaffen nogal onwennig, terwijl anderzijds voorbij wordt gegaan aan de vraag waarom de uitgave van het blad nog jarenlang getolereerd werd door het bezettingsregime.