De Franse journaliste Annick Cojean publiceerde vijftig jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog een serie artikelen in het dagblad Le Monde. Hierin onderzocht ze de toenmalige erfenissen van de Holocaust, door gesprekken te voeren met betrokkenen in West-Europa en Noord-Amerika. Stripmakers Tamia Baudouin (scenario) en Théa Rozjman (tekeningen) hebben de opgetekende gesprekken als uitgangspunt genomen voor een indrukwekkende stripversie. Ook nu de aandacht voor de Holocaust in recente decennia aanzienlijk is toegenomen, blijven de toenmalige ontmoetingen de moeite van het lezen alleszins waard.
De visualisering is een belangrijke toevoeging aan de geschreven tekst. Zo wordt de karakterisering van de kinderen van Holocaust-slachtoffers als ‘onverwachte knoppen op een verkoolde eik’ overtuigend tot leven gebracht in de illustraties. De openingsscène waarin de journaliste ronddwaalt door een bos verkoolde bomen is veelzeggend voor het sombere karakter van de verhalen, die niettemin ruimte laten voor een toekomst.
Ze sprak niet alleen met overlevenden van de Holocaust – van wie de zintuigelijke ervaring van hun traumatische herinnering zeer aansprekend wordt verbeeld - en hun kinderen, maar koos er ook voor het gesprek aan te gaan met kinderen van daders. Daarop volgde een bijzonder verslag van ‘de ondenkbare dialoog’ tussen kinderen van slachtoffers en daders, een vierdaagse samenkomst op initiatief van een Israëlische psycholoog. Juist de terugblikken van deelnemers op deze moeizame poging tot verzoening geeft goed inzicht in het mijnenveld van familieherinneringen.
Een belangrijke bron voor de reportages van Cojean vormde het Fortunoff Video Archive for Holocaust Testimonies van Yale University, terwijl ze daarnaast verwijst naar Facing History & Ourselves. Dat het boek voorbij gaat aan de ontwikkeling van dergelijke initiatieven in de meest recente decennia stelt enigszins teleur, maar doet geen afbreuk aan de indruk die deze graphic novel maakt op de lezer.