De strip Vliegende Tijgers handelt over de heldhaftige daden van een groep vrijwillige Amerikaanse piloten, die na de laffe aanval op Pearl Harbour in Chinese dienst tegen de Japanners gaan vechten.
In het eerste deel - Raids op Rangoon - doen scenarist Nolane en tekenaar Félix Molinari de ontstaansgeschiedenis van deze uitzonderlijke groep helden uit de doeken. De absoluut onbetwiste hoofdpersoon is Scott Canon. Onder zijn leiding vestigt de groep Amerikanen en een in California geboren Chinees (wat bij één lid van het team nogal racistische uitlatingen losmaakt. totdat hij gered wordt door deze Chinese Amerikaan) de naam van Vliegende Tijgers. Deze naam krijgen ze door op uitzonderlijk heldhaftige wijze een aantal Japanners kapot te schieten. Zelfs lukt het om met een vliegtuig de vleugel van een Japans vliegtuig doormidden te rammen waardoor deze neerstort (authentiek!). De strip staat dan ook stijf van de luchtgevechten, neerstortende vliegtuigen en heldhaftige stoere-mannentaal. De liefhebber van oorlogstrips zonder plot kan dan ook extreem zijn hart ophalen aan dit eerste deel.
Deel twee - Missie Singapore - is een verhaal met zowaar een plot en een onverwachte wending. Scort moet naar Singapore om een neef van Tsjang Kai-Sjek op te halen en wordt daarbij gesteund door enkele Nederlanders. Dat er iets niet deugt aan deze missie blijkt al snel, maar wat er niet deugt wordt pas duidelijk op de laatste pagina. Ook in het tweede deel wordt het verhaal opgesierd met vooral luchtgevechten en veel, heel veel, neerstortende Japanse vliegtuigen. De tekeningen van deze massagevechten blinken daarbij uit in chaos en onoverzichtelijkheid, wat de werkelijkheid natuurlijk dicht benadert.
Vliegende Tijgers is vooral bedoeld voor een publiek dat van weinig verhaal houdt, maar geïnteresseerd is in veel actie en geweld.