Het is altijd weer een heel gebeuren, een nieuw album van Asterix. Het is immers één van 's werelds populairste strips. Het heeft er lang naar uitgezien dat dit dertigste deel nooit zou gaan verschijnen. Geharrewar over auteursrechten, tekenmoeheid van de bejaarde Albert Uderzo en misschien nog andere zaken lagen hieraan ten grondslag. Sinds de dood van René Goscinny heeft Asterix nooit meer het niveau gehaald dat het succes voor de serie in eerste instantie bepaalde. Wat betreft tekeningen ziet het er nog prachtig uit (Uderzo doet het overigens al lange tijd niet meer alleen). De plot is echter vrij iel en ook de traditionele woordspelingen en knipogen naar actuele zaken zijn dun gezaaid.
Na al die jaren gebeurt het in dit album echt: Obelix drinkt van de toverdrank en dat heeft ingrijpende gevolgen. Asterix en Panoramix moeten handelend optreden en dat leidt tot een reis naar het legendarische Atlantis. Vrees niet, op de laatste pagina is de tafel weer gedekt, ruim voorzien van everzwijn.
Niet alleen Uderzo's leeftijd en al het zakelijke gekonkel, maar ook dit verhaal doen vermoeden dat dit het laatste Asterix-avontuur zal zijn. Zoals Bommel in Het einde van eindeloos met Doddeltje trouwde en zo zijn einde inluidde, zo lijkt het drinken van toverdrank door Obelix een teken aan de wand.