1075. In Bouillon wordt Godfried door zijn oom tot erfgenaam van het hertogdom Lotharingen benoemd. Zijn tante Mathilde is het daar niet mee eens: zij aast op het leven en de erfenis van haar echtgenoot. Er ontspint zich een strijd met wisselende bondgenoten, die tegelijkertijd een strijd is tussen koning en paus. Ook het occulte spreekt een woordje mee.
Een aardig uitgangspunt voor een meeslepend album. Helaas slagen Thierry Cayman en Claude Rappé niet in die opzet. Teveel pagina's hebben zij nodig om de hoofdrolspelers op hun plaats te zetten. Het erop volgende verhaal is warrig en oppervlakkig. Een beetje geweld, een beetje bloot, allemaal van zo'n oppervlakkigheid dat het niet echt kan beroeren. Uiteindelijk blijkt het boek de opmaat te zijn voor de rest van de serie. Maar van een cliffhanger is geen sprake, zodat het niet echt doet uitkijken naar het volgende deel. De helderheid wordt niet erg geholpen door de tekeningen. De gezichten zijn erg plat en daardoor moeilijk van elkaar te onderscheiden. Daardoor wordt pas bij tweede lezing duidelijk wie wie is. Ook is het moeilijk zich te identificeren met de 'helden'.
Toch zijn het de tekeningen die het album nog een beetje verteerbaar maken. Vooral de paginagrote totalen van kastelen en landschappen zijn een lust voor het oog. Mede door de inkleuring wordt een mooie atmosfeer geschapen, zeker in nacht- en nevelsituaties.
Godfried van Bouillon: De erfenis heeft me niet echt kunnen overtuigen. Het verhaal is te rommelig om er door meegesleept te worden, het tekenwerk bekoort slechts zo nu en dan. Maar een definitief oordeel is pas te vellen bij het verschijnen van de volgende delen.