Ik geloof, dat een paar dingen in de stripwereld niet ter discussie staan: Milo Manara tekent de mooiste vrouwen, François Schuiten tekent de mooiste bouwwerken en Jean Graton tekent de snelste auto's. Dat laatste is van de drie de geringste prestatie. En hoe minder Schuitens boeken op strips gaan lijken, hoe meer ze verworden tot staalboeken van de fraaiste architectonische hoogstandjes. Manara's strips blijven gewoon strips, vandaar dat uitgeverij Loempia het opportuun achtte dan maar zelf een staalboek samen te stellen van de betoverende modellen, waarmee de Italiaanse tekenaar het witte papier zijn maagdelijkheid in de loop der jaren ontfutseld heeft. Natuurlijk levert dat een aaneenschakeling van feeërieke schouwspelen op met even uitdagende als onschuldige meisjes, bij wie de mooiste krullen ter wereld tot op de frêle schouders vallen. Je kunt lang en geboeid naar de tekeningen kijken en als iemand beweert, dat je je aan die getekende schoonheden zit te verlekkeren - wat ongetwijfeld zo is - kun je je met recht verweren door erop te wijzen, dat zich een heel verhaal afspeelt binnen het kader van een enkele tekening. Zo suggestief en rijk aan entourage is het werk van Manara wel.
In de marge van de schilderachtige, soft-erotische momentopnamen staan lappen tekst, die gaan van De Sade tot Goethe, van bijbelse Salome tot mythologische Venus. Een aardige greep uit de grabbelton van de wereldliteratuur, waarin en passant het werk van Manara op lyrische wijze besproken wordt. Maar deze tekstfragmenten leiden een geheel eigen leven en houden onvoldoende verband met de tekeningen, waarbij ze staan afgedrukt. Een niet geheel geslaagde manier om enige lijn in deze al te willekeurige processie van Manara-vrouwen te brengen.