De grafische biografie Logicomix behandelt de jaren des onderscheid van de Britse wijsgeer Bertrand Russell (1872-1970). Aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog - Russell is dan rond de 70 - geeft hij een lezing over zijn queeste naar de bronnen van de wiskunde. Hij had ervaren dat deze discipline was losgezongen van de dagelijkse realiteit. Zijn onmogelijke zoektocht naar de absolute waarheid voerde hem langs de rafelranden van de waanzin.
Dit zoeken naar waarheid was in zijn beleving een kwestie, die met logica kon worden opgelost. Met zijn ideeën ging hij op bezoek bij gerenommeerde wetenschappers van zijn tijd, die allen voor dezelfde duivelse, niet op te lossen, dilemma’s stonden.
In zijn lezing volgt hij het spoor terug naar zijn jeugd als wees op Pembroke Lodge, het huis van de patriarch van de familie Russell, ten westen van Londen. Hij wordt streng opgevoed in een omgeving die bol staat van mysteries. Als jong en briljant onderzoeker is zijn grootste wens te bouwen aan 'Het huis der Wiskunde'. Zijn werk, van belang voor de ontwikkeling van de wetenschappelijke logica, eindigt feitelijk met de publicatie van zijn magnum opus Principia mathematica dat hij voor zijn 40e levensjaar voltooide in samenwerking met Alfred Whitehead.
Russell beschouwde deze principia als een mislukking, omdat het inhoudelijk te weinig heeft bijgedragen de wiskunde een vaste plek te geven binnen de logica. Als een rode draad loopt door het verhaal het onvermogen van Russell om met de vrouwen, die hem omringden, een normale relatie te onderhouden.
Het intellectueel opgezette verhaal kent twee niveaus. Naast de biografie over Russell stellen de makers zich (in tekeningen) voor, geven uiting aan hun frustraties als een bepaalde sfeer binnen hun verhaal niet lekker loopt en interveniëren regelmatig om de academische diepgang van de besproken filosofen te duiden.
Door de aanwezigheid van de scenaristen en het team van tekenaars wordt de kijker/lezer het verhaal ingetrokken. De tekenstijl is semi-realistisch met een neiging om door te schieten naar karikaturaal als personages in hun filosofische problematiek dreigen vast te lopen. De tekeningen zijn bijzonder sfeervol. Afhankelijk van de geestelijke staat van de diverse protagonisten of antagonisten is gebruik gemaakt van duistere en dreigende impressies of vrolijk, licht en luchtig.
Dit stripverhaal, dat eisen stelt aan zijn lezers, wordt afgesloten met een voortreffelijk geredigeerd register, waarin uitgebreid wordt ingegaan op de besproken subjecten en objecten.