Een bundeling van Nederlandse manga? Is dat haalbaar en artistiek verantwoord zonder dat de artiest last krijgt van epigonisme? Ja, het is mogelijk zonder verlies van identiteit. In deze gevarieerde originele bundeling van semi-realistische en karikaturale stripverhalen, die zijn aangeraakt door de van oorsprong Japanse raamvertellingen, acteert een reeks excentrieke figuren, die bizarre humor, pseudo-mystiek en reflectie afwisselen met gewelddadig optreden, en orakelen over de waan van de dag en de maakbaarheid van de maatschappij.
In tegenstelling tot hun Japanse inspirators relativeren de mangastripmakers uit Nederland en Vlaanderen de werkelijkheid. De ruige expressionistische uitbarstingen van geweld, waar de Japanse manga strak van staat, is in deze contreien eerder uitzondering dan regel. Er is meer ruimte voor dialogen, impressies en interpretaties. De grafische vormgeving, met ruime aandacht voor uitgebalanceerde decors, komt met name tot uitdrukking in het werk van Stedho, Wout Paulussen, Marissa Delbressine, Adri van Kooten/Willem Ritstier en Kevin van Diest.
Op één punt vinden west en oost elkaar hier niet. De oorspronkelijke leesrichting van de manga is van achteren naar voren en van rechts naar links. Zover hebben de Nederlandstalige mangamakers het niet willen laten komen.