De androïde Exterminator 17, de verdelger, de uitroeier, de creatie van Enki Bilal uit 1970, beleeft een resurrectie in het sterrenstelsel Hoop, waar de mensheid een nieuwe start heeft gemaakt. Op één van de planeten, gedoopt Ellis, naar het beruchte Ellis Island voor de kust van New York waar immigranten hun eerste stappen op Amerikaanse bodem zetten, is overleven het parool. Op deze planeet is de macht in handen van afstammelingen van de Italiaanse, Russische en Japanse maffiafamilies. Met ijzeren hand regeren zij over een zooitje ongeregeld van halssnijders, hoeren, gelukszoekers tot een verdwaalde mutant. De rol van de gevechtsandroïde Exterminator 17 blijft in het eerste deel van deze nieuwe trilogie onderbelicht. Centraal staat de leider van de Italiaanse familie die zijn clan wil opstuwen in de vaart der volkeren. In zijn megalomane gedachtegang is geen ruimte voor anderen.
Deel 2 beantwoordt aan de regels van de space opera. Flitsende gebeurtenissen op een vijandig ogende planeet waar de Exterminator een paar keer zijn hoofd verliest, maar als een Griekse held uit de dood herrijst. Hij is een toeschouwer die met koele zakelijkheid het gekonkel op Ellis in ogenschouw neemt.
Jean-Pierre Dionnet schetst een amorele maatschappij die dreigt uit elkaar te vallen. Voor zijn scenario lijkt hij zich te hebben laten inspireren door de sciencefictionromans van Philip Dick. De tekenaar begint aarzelend, worstelend met het Bilal-effect, maar in het tweede deel heeft hij alle schroom van zich afgeschud en trekt hij zijn eigen plan. De omslagen zijn van Bilal. De beide albums bevatten schetsen van de tekenaars Serge Clerc en Laurent Theureau, die samen met Igor Baranko in de race waren voor het verzorgen van het tekenwerk.